In de Bilt staat een supercomputer die eens in de zoveel tijd uitrekent wat het effect is van klimaatverandering op het Nederlandse weer. Een ‘gunstig’ of ‘mild’ scenario gaat uit van een gematigde opwarming van de aarde en een lage verandering van de luchtstroom die over ons land heen trekt. Het warme scenario veronderstelt het tegenovergestelde: een veel snellere opwarming die leidt grotere veranderingen in de luchtstroom.
De resultaten die uit deze supercomputer van het KNMI rollen, stemmen niet gerust. Wie nu al peentjes zweet in de zomer kan zijn borst natmaken voor wat er nog gaat komen. De gemiddelde zomertemperatuur bijvoorbeeld stijgt in 2050 met bijna tweeënhalve graad 17 graden naar 19,4 graden. En in het ongunstigste geval naar 20,8 graden. Ook krijgen we te maken met steeds meer hittegolven. Het aantal ‘tropische’ dagen, waarop het kwik boven de 30 graden uitstijgt, zal in 2050 minimaal zijn verdubbeld, maar kan in het ongunstige geval zelfs vijf keer zo hoog zijn als nu.